Een gebedshuis heeft zowel letterlijk als figuurlijk een drempel voor relatieve buitenstaanders. Het vergt enige vrijmoedigheid om als christen een moskee binnen te gaan, als moslim een synagoge te bezoeken, enzovoorts. GIS organiseerde in 2020 een bijeenkomst met de titel Over de drempel. Elk gebedshuis kent zijn eigen gemeenschap van mensen met eigen gewoonten, rituelen of woordgebruik. De onderlinge verschillen lijken groot, tussen en binnen de tradities. Desondanks leeft er niet alleen de wens om onderling samen te komen, maar vindt die samenwerking daadwerkelijk plaats. Deze bijdrage is bedoeld als handreiking aan moskeeën, kerken en synagogen om de drempel over te gaan.

De ervaringen van het OJCM
Het Overlegorgaan van Joden, Christenen en Moslims, OJCM, heeft al meer dan tien jaar ervaring met de onderlinge samenwerking. De deelnemers waren en zijn bereid om elkaar te ontmoeten zonder te oordelen over de denkbeelden, de gewoonten, de geschiedenis of het gedrag van de ander. Eerst zien, vragen en luisteren. Dat vraagt geduld, vriendelijkheid en openheid. Pas gaandeweg kwam de vraag naar samenwerken op tafel. Die vraag ontstond vooral rond gewelddadige acties tegen moskeeën en moslims, synagogen en joden, kerken en christenen, niet alleen in eigen land maar ook wereldwijd. De ervaring leert dat conflicten en geweld elders ook invloed hebben op de verhoudingen in Nederland. Dan kan het lastig worden, omdat de visies en loyaliteiten uiteen kunnen gaan. Maar als je het met elkaar weet uit te houden, dan gebeurt er wel iets moois. Pas als het vertrouwen in de praktijk gegroeid is, kunnen de lastige vragen besproken worden. Dan kun je in alle openheid spreken over bijvoorbeeld de betekenis van de stad Jeruzalem voor joden, christenen en moslims, zoals het OJCM doet.

Maar wat kunnen moskee, kerken, synagogen en kerken met deze ervaring in de eigen plaats of wijk?

Vijf stappen
Samenwerking is in alle opzichten mensenwerk. Grote idealen zijn niet voldoende. Het gaat ook om kleine stappen. Dat geldt zowel op landelijk als op lokaal niveau. Het begin ligt altijd bij gedreven en geduldige mensen.

De eerste stap kan heel simpel zijn. Een kaartje, een brief of een presentje ter gelegenheid van een religieuze gedenk- of feestdag van de ander. Gewoon laten merken dat je weet dat die dag (of periode) van bijzondere betekenis is voor de ander. Geweld tegen gelovigen of gebedshuizen – dichtbij of ver weg – kan een reden zijn om te laten weten dat je meeleeft. Het gaat om kleine gebaren die op zich waardevol zijn, ook als er geen vervolg of reactie op komt. Maar die kleine gebaren kunnen ook leiden tot volgende stappen.

De tweede stap gaat wat verder, namelijk de deelname aan een open bijeenkomst van een ander gebedshuis in de omgeving. Kies geen bijeenkomsten die gericht zijn op de overdracht van geloofswaarheden, zoek liever de meer maatschappelijke thema’s. Toon interesse in wat de ander aanbiedt. Liever niet massaal, met enkele mensen is voldoende. Blijf bescheiden, voer niet het hoogste woord en wees attent op mogelijke vervolgcontacten. Ook dit is een klein gebaar zonder veel te verwachten van de respons van de ander.

De derde stap is het uitnodigen van mensen uit een ander gebedshuis om op bezoek te komen. Het kan puur gaan om kennismaken, zoals je je buren uitnodigt. Maar het kan ook in de vorm van een inhoudelijk programma. Kies niet meteen de moeilijke onderwerpen die meteen alle tegenstellingen bloot leggen. Dat werkt meestal averechts. Kies een onderwerp dat veel mensen raakt. Hoe gaan we om met de eenzaamheid, armoede, zwerfafval … in onze omgeving? Ook het uitnodigen voor een maaltijd past in dit kader, maar let dan wel op de specifieke spijswetten. Deze derde stap maakt je kwetsbaar, omdat je afhankelijk bent van de respons van anderen. Je uitnodiging kan afgeslagen worden.

De vierde stap markeert de overgang van incidentele gebaren naar samenwerking, Best Practices. Je kunt wat samen doen rond dodenherdenking, Bevrijdingsdag, koningsdag of prinsjesdag. Je kunt ook een serie informatieve bijeenkomsten rond voedsel, klimaat of relaties organiseren. Het accent dient echt te liggen op de uitleg van de eigen gewoontes en het bevragen van elkaar, geen scherpe debatten, laat staan oordelen. In dit kader past ook het samen deelnemen (of oprichten) van een voedselbank of het samen oprichten van een team Bruggenbouwen, Trainingen.

Pas als al doende het wederzijds vertrouwen gegroeid is, kan overwogen worden om de moeilijke onderwerpen te bespreken. Deze kunnen een theologisch, een ethisch of een politiek karakter hebben. Soms zal er sprake zijn van een common ground en soms zal het een kwestie zijn om te leren leven met verschillen. Juist rond deze vijfde stap is de kwetsbaarheid groot, omdat ze ook kan leiden tot teleurstellingen, in de ander en in je zelf.

Lef en geduld
De kunst is om zowel het lef als het geduld te hebben om kleine stappen te zetten. Niemand eist van je om tot en met die vijfde stap te gaan. Soms leiden de eerste stappen al tot blijvende vriendschappen, over de grenzen van de religieuze verschillen heen. Vriendschappen waarbinnen samen gevierd en gerouwd en herdacht en verwacht wordt.

De foto is ontleend aan een boek van Jeffrey Haynes: An Introduction to International Relations and Religion (2007). Het plaatje geeft uitdrukking aan de wereldwijde presentie van religie.